Bergrace Trail Lunteren, 3 juli 2016

Hoe de mentale hardheid voor IJsland wordt getraind, Ron verslaat de Bergtrail in 2 rondes!


Vandaag een trailavontuur met ’n vleugje Jules Verniaanse allure? Ben immers onderweg naar een spectaculair geografisch middelpunt. Helaas niet der aarde maar wel mooi der Nederlanden. Maar wat blijkt? In dit land van koopmansgeest, namaak en bedrog zijn er tal van gemeenten die zich langs dubieuze rekenformules of geschiedkundige misinterpretaties rijk rekenen met het claimen van dit toeristisch privilege. Zoals het Veluwse Lunteren, dat ervan overtuigd is dat ons nationale ruimtelijke midden zich op haar grondgebied bevindt. In GPS-abracadabra: 52°6′ 3″ NB, 5° 38′ 46″ OL. In begrijpelijk Nederlands: op de Lindenboomsberg, nabij de Goudsberg.
 
Samen met het Wekeromse Zand vormt de Goudsberg het episch centr…. nee faut, het epicentrum van de Bergrace Trail. Een parcours van 14km is daar bewonderingswaardig minutieus uitgezet. Legenda: rode pijl =  rechtsaf, zwarte pijl = linksaf, roodzwarte duo pijl = rechtdoor, lint = je zit nog steeds goed, geen lint = keer om en ga terug naar waar je vandaan komt. Appeltje-eitje. Als deelnemer hoef je van tevoren alleen maar te beslissen of je graag 1, 2 of 3 keer wilt rondploeteren. Het persoonlijk startnummer, op naam en woonplaats en afstand, is trouwens ’n juweeltje, een bewaarexemplaar!

Omdat we recentelijk de status van trailbaby zijn ontstegen, maar (nog nét) niet aan zelfoverschatting leiden, lijkt me de middenafstand van 28km een veilige keus.

 
Zo te zien aan het hoogteprofiel op de website zit vandaag het venijn hem in staart en kop, zelfs 2x want 2 rondes. Daartussen, pakweg km5→km12 respectievelijk km19→km26, is er ongetwijfeld ruimschoots gelegenheid om ‘vooral te genieten van de natuur!’ wat overal en altijd elke trailspeaker voor de start aanraadt of opdraagt. Kortom: 2x7km=14km relaxen. Wat ‘n feestje, m’n prille trailcarrière!
Dat dit papieren profiel kommer en kwel verhult en dus duivels misleidend is, daarover later meer. Eerst even het actuele wee…onweerbericht. Kort voor de start unikleurt de lucht roetzwart, steekt windkracht 8 op, klinkt hels gedonder en teistert moessonregen de schuiltent. Daarin proberen 24 trailers (per vierkante meter) en twee honden hun lijf en leden droog en warm te houden. En nog even schoon ook. De krachtige stem van de wedstrijdomroeper overruled gierende wind en zondvloed met zijn mantrale update ‘er komt zo vast beter weer aan’. Ja, duh. Maar verdraaid, hij krijgt perfect getimed z’n gelijk en snel stroomt het startvak vol. Met deelnemers. Diepe plassen stonden er al.

De organisatie heeft besloten om de start te lokaliseren aan de voet van een 78 gradige helling. Kennelijk wil men snel kaf en koren scheiden. Een discriminatoir dus bedenkelijk maar verder best wijs besluit. Want al na 93 meter volgt er kilometers lang een 23 centimeter smalle singletrack, afgebakend door alle varianten van overhangende kras-, steek-, prik- en struikelvegetatie. Door hun waterballast buigen mens(m/v)hoge brandnetels gretig richting blote armen en benen. Híer medelopers passeren lukt uitsluitend over hoofden heen dan wel tussen benen door. Ook gaan deze eerste martelkilometers als een achtbaan krachtig omhoog en omlaag en volgen ze een serpentine met tientallen scherpe bochten en haakse afslagen. Normaal gesproken allemaal best overkomelijk. En zelfs leuk, mits in bezit van de vorm van d(i)e (ene) dag (per jaar).
Complicatie vandaag is echter dat wekenaanhoudende regenwater afstroom op elke af-en-op helling de oorspronkelijke bodembedekking van decimeters diep rul zand, keien, gras, mos en bladafval heeft vermixt tot één vaagkleurige blubbersmurrie. Die biedt aan zelfs de stoerste trailschoenen weinig grip. Vaak geen. En zo gebeurt het dat menig trailist, bekaf bíjna boven aan de drabhelling, daar vertwijfeld graait naar stammen, takken, wortels en andere groenvoorzieningen om zo voet op vastere bodem te krijgen. Vaak vergeefs, wat leidt tot een mixed feeling van zijn ergernis en wanhoop. Te midden van dit moddergala vergt het van mij een combine van fabuleuze reactiesnelheid, evenwichtskunst en acrobatiek om door de wegzakkers niet levend in de groenzwartgrijsbruine bodembrij begraven te worden. Dat zou me toch ‘n afgang zijn, na amper 2km achter resp. slechts 26 voor de boeg ….

Gelukkig lonken iets verderop vlakke(re) passages over bospaden, veldwegen en graslanden. Daar is vast de rust en ruimte om te zien of website, folder en speaker gelijk hebben met hun reclamemakerij voor fraaie natuur en prachtige vergezichten. Maar door drastisch gewijzigde klimatologische omstandigheden vergen vandaag ook déze passages een uitgekiende bochtentechniek en goed getimede, secuur gedoseerde kangoeroesprongen om overeind te blijven en zo het hoofd boven water en modder te houden. Dit trailtraject vereist opperste concentratie om m’n grove motoriek razendsnel maar toch ragfijn af te stemmen op de visuele waarneming van een nanoseconde eerder. Voordeel is wel dat het brein zo geen vrijheid wordt gegund voor het bedenken van zelf ontmoedigende gedachten omtrent honger, dorst, pijn, moeheid en soortgelijk traildefaitisme.

Alweer minuten geleden piepte m’n Polar voor de zesde keer. Het virtuele 7km paaltje komt er dus aan, het relaxtraject kan elk moment beginnen. Paar hobbels over, bosjes door en bochtjes om, daar is-ie dan: het roemruchte Wekeromse Zand. Best bizar, zo’n miniwoestijn zomaar ergens in the middle of middenNL. Een groot grijswit zandtapijt onder een (hè???) strakblauwe lucht, het is een genot voor de ogen.

Wie beweert dat woestijnen slechts summum zijn van eindeloze monotonie, heeft het aantoonbaar goed mis, gelet op dit gedetailleerde live ooggetuigenverslag van: einde bospad, zand, zand, zand, grasspriet, zand, zand, zand, zand, polletje mos, zand, zand, zand, zand, struikje geen idee hoe het heet, zand, zand, zand,  verdwaald steentje, zand, zand, zand, ratelslang, zand, zand, zand, twee grassprieten, zand, zand, zand, zand. Aldus de eerste 25 meter van de Wekeromse noordelijke zandtrack. Zij zijn voorbode van negentienhonderdvijfenzeventig aanstaande meters.

Fijn trouwens, dat hier veel meer routepijltjes zijn dan (twee) trailers die ik heel ver weg voor me ontwaar. Zonder die koerswijzers zou je hier zomaar ongemerkt verdwalen en het origineel Lunterse middenNL nooit meer terugzien. Wat jammer zou zijn, want daar staat m’n auto met droge kleding en met veel lekkere, gezonde maar niet eindeloos houdbare après-trail hapjes en drankjes.

Inmiddels foetert het ene been tegen het andere en vice versa: ‘Hey vervelende gast, waarom houd jij eigenlijk geen gelijke tred met mij?’. Hun gebakkelei is zinloos. De sukkelaar is namelijk geen van beiden. Externe schuldige is dit Veluwse struikelzand. Zand, zo ver m’n ogen reiken. Dat is sowieso vanaf hier tot de verre ginder aan de horizon. Maar daarachter gaat deze zandbak misschien wel gewoon verder? En hoe ver dan? Eindeloos? Ongerust realiseer ik me dat ik in ’t verleden nooit ’n goeie zandloper was en in de toekomst nooit zal worden. Deze terug- en vooruitblik is totaal irrelevant. Ik trail in het nu. Ik ben geen goeie zandloper. Geen wonder dus dat kort na aankomst in de Wekeromse Zandbak m’n beide benen abrupt en overal vollopen. Te abrupt en te overal. Maar geen paniek! We zijn immers zelfvoorzienend op trailpad gegaan omdat de zorgzame speaker dat sterk had aanbevolen. Hij had ongetwijfeld actuele voorkennis van het gebrek aan vochtrijke oases tijdens de overlevingstocht door deze (sa)helse Woestijn van Wekerom. Ik klok dus onmiddellijk een kwartliter Obelixiaans isotoon toverwater naar binnen. Best lastig om dit struikelingsgewijs zonder geknoei voor mekaar te krijgen bovenop deze zomerse variant van een winterse buckelpiste.


Uitgerekend hier en nu worden we bovendien bestookt door een overdosis straling van de eindelijk ontwaakte zon. Het albedo van wit zand is moordend en binnen no time druppelt zweet uit alle poriën. Even waan ik me deelnemer aan de Marokkaanse Marathon des Sables. Een kwartier later echter blijkt achter voornoemde horizon het zand gelukkig toch op te zijn. Néé Lezer, deze blije visuele waarneming is geen fata morgana! Empirisch bewijs: zodra ik weer op vaste bosbodem stap, stopt onmiddellijk het gekissebis tussen mijn twee moeë onderdanen en komen zij een staakt-het-vuren overeen. Het is voorspelbaar dat hun wapenstilstand van tijdelijke duur is. Maar voorlopig volgen zij weer kameraadschappelijk hetzelfde ritme en dezelfde koers vooruit. Geploeter maakt weer plaats voor (iets dat lijkt op) hardlopen. Een scherpe draai van 164 graden naar rechts leidt naar het zuidelijke retourtraject van het Zand van Wekerom. Dit loopt bovenover een lange antropogene maar toch prachtige eikenwal. Fraai, idyllisch, rustiek. Maar door al dat gedraai en gekeer over (natuurlijk niet in ‘t echt maar wel gevoelsmatig) 24 kittige heuveltjes, is dit traject tegelijkertijd nietsontziend voor lijf en twee onderste leden, die derhalve acuut hun eendrachtige gang verbreken en opnieuw elkaar in de haren vliegen. Hun verbale wedstrijd binnen mijn fysieke wedstrijd. Dubbel afzien dus.


Valt me nu ineens op dat het hier best donker is. Oké, de junizonnewende is inderdaad geweest en dus kort het daglicht weer, maar dit is toch echt premature duisternis. Aan de boombegroeiing ligt het ook niet, die is niet spectaculair dicht of hoog. Pas na het verlaten van de wal zie ik wat aan de hand is: zonsverduistering door gigantische onweersbewolking. Uitgerekend nu, op een lang open traject alweer vol met struikelzand met hinderlijke moshobbels. Hoe zit het ook alweer, vraag ik me licht ongerust af. Niet onder een boom schuilen maar in open veld gehurkt je klein maken en geen paraplu opsteken. Zoiets? Is het me al klein vóelen dan niet misleidend genoeg om boosaardige bliksems af te leiden naar ’n ander inslagdoelwit? Zonder geloofwaardig antwoord trail ik verder. Plots zigzagt een oogverblindende schicht dwars door de cumulonimbuswolk. Die scheurt gelijk doormidden en loost in ’n paar mummen van tijd tonnen hagel met formaten speldenknop, erwt, knikker en pingpongbal. Door de straffe noordenwind keldert de gevoelstemperatuur naar polaire waardes. Eigenlijk vind ik deze Arctische koude inval best lekker na die subtropische bakoven zonet aan de overzijde van deze martelzandvlakte.
Minder opgetogen ben ik door het zoutige mengsel van gesmolten hagel en voorhoofdszweet, dat beide ogen invloeit en de visuele waarneming op tilt doet slaan. Ook m’n denkvermogen is de kluts kwijt. Want zijn reflectie op de tsunami van hagelkorrels en windhozen levert slechts deze zogenaamd positief-psychologische helpgedachte op: ‘Wat een ideale voorbereiding op IJsland’. Verstand komt met de jaren? Waar kan ik de 21e-eeuwkalender downloaden?

Licht en zicht keren ondertussen langzaam maar gelukkig terug. Gedurende de volgende 1 km is het parcours waterig en drabbig maar ook vlak. Eindelijk gelegenheid om de doodvermoeide benen bij te voederen met snelherstelgel. Getver, dit smaakt kwadratisch viezer dan drankjes van de dokter! Ook géén idee of het werkelijk energetische zoden aan de dijk zet, zo’n overdosis suikerconcentraat. En is hardlopen toch niet voornamelijk een mentale beproeving? Dus eigenlijk gewoon een simpele denksport? Daar heb je toch alleen maar gratis, grijze hersenmassa voor nodig en geen dure, plakkerige energieboosters? Waar op Wikipedia staan geloofwaardige antwoorden op deze existentiële overlevingsvragen?


Vanaf km12 is het weer bikkelen en buffelen door diepe plassen en kleffe plakmodder, struikelen over stiekeme boomwortels en zwoegen naar de verre top van lang vals plat. Glibbergrond in elke vlijmscherpe bocht onderaan ieder steil, smal en stenig afdalinkje maken het getrail hier weer tot een (in foldertaal) uitdagende en verrijkende natuurbeleving. Yeah, right …….
Intussen komt het megafonisch stemgeluid van de speaker gestaag dichterbij. De afdaling naar start-en-finish dus ook. Bochtje links, heuveltje af, bochtje rechts, heuveltje op en daar is-ie. De landingsbaan oogt en is 78 graden steil. Logisch, want hij parallelliseert de startbaan. Eigenlijk een heerlijke daalfinale, maar vandaag een complexe klus door zeldzame obstakels. Zoals een labyrint van laterale, transversale en diagonale erosiegeulen. Met daarin gutsend regen- en hagelsmeltwater dat her + der (= m.i. overal) kniediepe modderpoelen creëert en zelfs ijstijdige zwerfkeien doet dagzomen. Die dienen helaas niet als veilige stepping stones. Daarvoor zijn ze niet alleen te slordig geconfigureerd, maar ook te spekglad. Gelukkig zijn de laatste acht meter relatief vlak en zelfs semi-droog waardoor ik net op tijd in balans raak en zo evenwichtig onder het finishdoek doorloop.

Finishdoek ……… finishdoek? .......…. f*ck ….…. nóg ‘n rondje.

Als rondje 2 qua profiel rondje 1 naadloos kopieert, volgt hier logischerwijs uit dat landschap, natuur en weer met precies dezelfde kansen en bedreigingen garant staan voor een exacte fysieke en mentale herhaling van zetten bij de trailer.
Ik wil het Lezer echter niet aandoen om nietsnuttig duimendraaiend het hartstikke voorspelbare verslag van rondje 2 af te gaan zitten wachten. Want as-I-type ben ik net pas aangekomen boven op die eerste steile starthelling. Snel hoofdrekenwerk: nog 13.907 meters to go. Daar gaat Lezer natuurlijk (ter)echt niet op zitten wachten. Maar opdat we elkaar ergens aan het eind van deze reportage toch nog even ontmoeten, stel ik voor dat Lezer het zojuist gelezen verslag van rondje 1 opnieuw tot zich neemt. Dit keer wél woord voor woord, regel na regel. Dus niet zappen en niks skippen! Terwijl ik dan verder zwoeg heeft Lezer een 100% live update van exact alle noden en kwalen die ik in het voorbije rondje 1 tegenkwam en waarmee ik in huidig rondje 2 ongetwijfeld opnieuw geconfronteerd ga worden. Als ik ’n beetje doorloop en alles heel veel beetjes mee zit, moet het lukken om voor avondschemering en sluitingstijd ten tweede en laatste male onder het finishdoek door te lopen. Dus tot straks!

………………………………………………………………………………………………………………………………………………


Als de chronologie klopt, is het nu straks. Ik hijg en tril uit onder aan die multigeulige slothelling die ik zojuist weer af gestuiterd ben. Mits Lezer de afgelopen 14km mij heeft kunnen bijbenen, is zij/hij tegelijkertijd opnieuw gefinisht onder aan het verslag van rondje 1 (maar lees nu: 2) en hapt daar eveneens naar adem. Niet uit extra zuurstofbehoefte maar (terecht) uit opluchting omdat ook dit monsterverslag weldra met de borst door het finishlint breekt.

Nog twee opmerkingen ter afronding.
Op weg terug naar huis moet ik denken aan mijn eigen geboorte, lang geleden. Het wordt me plots helder waarom ik destijds eerst dwarsligger was en vervolgens heftig tegenstribbelde in ‘n amechtige poging om aan al dat verloskundig martelgereedschap te ontkomen. Ik zag vermoedelijk toen al in ‘n glazen bolletje dat m’n allerzwaarste levensbeproeving nog moest komen: over bijna zes decennia, op 3 juli 2016, trailen rondom 52°6′ 3″ NB, 5° 38′ 46″ OL.
Nu we deze ultieme krachttoer hebben volbracht, zelfs met behoud van lust en leven, kan met een (bijna uit-)gerust hart 2 juli 2017 op de huiskalender nu al in - rood en zwart - aangepijld worden. Andere datum, maar zelfde plek: (de Lunterse variant van) hartje Nederland!

Om mijn oprechte geestdrift over de Bergrace Trail extra cachet te geven, roep ik Ciflaten op om je op die datum door Tomtom te laten navigeren naar genoemde locatiecoördinaten van (misschien) hét Nederlands middelpunt. Of gewoon Goudsberg intikken, dan kom je er ook. Als geograaf keek ik zelf gewoon op topokaart en Google Earth. En was daarna evenzeer gewoon (veel te) ruim op tijd ter trailplekke.
Als we met ons velen zijn, geven ze ons misschien wel een eigen Cifla startvak! En als we het vriendelijk vragen misschien niet eens in dat zompige moddergras onderaan die steile starthelling, maar helemaal bovenaan. Lekker droog. En ……. alvast hoog!

Dank voor je aandacht!
Sportgroet van startnummer 68 en finishnummer 11 (Ron Slangen)

Read 1055 times
Login to post comments

Over CIFLA

Cifla is een samenstelling van de Latijnse woorden citius (snel) en flatus (wind). Snel als de wind, dat klinkt keurig, maar eigenlijk betekent het "snelle scheet". De naam is een mild protest tegen de destijds nogal formele en behoudzuchtige atletiekwereld
 
 

 

Postadres:

  • A.V. CIFLA
  • Marialaan 310
  • 6541  RR  NIJMEGEN